50VitaalPlus

50VitaalPlus is een uitgave van VGS Media BV | COLOFON | ADVERTEREN | CONTACT

  • A  A  A  

Ongemakkulluk

Hans Böhm columnfoto 2018 JvG

Column

Hans Böhm

Schaker / schrijver

Ooit zat ik in smoking aan een exquis meergangendiner met als thema Eten voor Afrika. Bij het voorgerecht werd een filmpje gedraaid met hongerige kindertjes. Tussen de gerechten door interviews met Artsen van zonder Grenzen en tot slot een veiling van allerhande kunstvoorwerpen en activiteiten die door de aanwezige kunstenaars en artiesten werden aangeboden. Onze gastheren boden flink en zo werd er tot slot een vette cheque overhandigd.

Onlangs deed ik mee aan het Groot Goois Dictee, ook weer voor het goede doel namelijk laaggeletterdheid bestrijden. Dat is een groot probleem, zo’n 2,5 miljoen Medelanders hebben grote moeite met lezen en schrijven. Toch, eten voor honger, schrijven voor ongeletterdheid, het voelt een beetje ongemakkelijk.

In het dictee zelf had de schrijver zich lekker uitgeleefd op alle uitzonderingen in de regels. Eerste zin:

“Inwoners van Noord-Holland houden net zo veel van het Oranjehuis als Cubanen uit Havana van een echte havanna, als een Eskimo of Inuit van een eskimohond en een Eskimohut en als een Ajacied van Ajax.”

De Nederlandse spelling kent een opmerkelijke geschiedenis en die pakken we met de belangrijkste veranderingen op in 1934, ter ere van onze oudste lezers. Toen liet men de naamvals-n in lidwoorden vallen (op den stoel, aan den heer) en de oo en ee aan het einde van open lettergrepen mochten niet meer (zoo, heeten).

Er kwam wat meer vaart in de taal en dus in het schrijven en lezen.

In 1946, let wel direct na de Tweede Wereldoorlog, kwam een doorstart: mensch werd mens en visch werd vis.

In 1955, nu ging ik meedoen en dat is bepalend voor de fouten die je later maakt, werd het Groene Boekje geïntroduceerd. Er kwam vanuit de overheid en ten bate van het onderwijs een voorkeurspelling, een typisch Nederlandse polderoplossing. Hier wat klassieke en de alternatieve woorden die dus beiden werden goed gerekend bij toenmalige dictees: socialistisch en socialisties, conflict en konflikt. Die keuzeloze situatie heeft geduurd tot 1995! Toen kwam er een nieuwe editie van het Groene Boekje. Er werden knopen doorgehakt, het begrip voorkeurspelling verdween. Ruggegraat werd ruggengraat en pannekoek werd pannenkoek, aktie werd definitief actie en het liggend streepje werd gepromoveerd: niet zeeëend maar zee-eend, niet zoëven maar zo-even. Ik leerde op school: als er twee woorden worden samengevoegd dan zet je een verbindingsstreepje. Eskimo-hut of Cobra-beweging, dat is logisch en leest wel zo makkelijk. Dat mag ik dan vinden maar het is nu niet meer goed.

In 2006 kwamen de laatste wijzigingen. Namen van bevolkingsgroepen kregen een hoofdletter (Eskimo, Kelt); samengestelde Engelse woordgroepen moesten anders, niet would-be-schrijver maar would-beschrijver (wat verwarrend leest). Het koppelteken kreeg een douw: we hebben nu een nationaalsocialist. En ideeënloos werd ideeëloos (ziet er niet uit toch?).

De correcte schrijfwijze botst met makkelijk lezen en dat zou toch op de eerste plaats moeten komen. Een aantal kranten samen met het Genootschap Onze Taal hanteren daarom een alternatieve spelling die beter aansluit bij het taalgevoel, opgeschreven in het Witte Boekje. Maar dat zijn wel de fouten bij dictees.

Reageren

Reacties